Stallen

Posted on: Thursday, 9th of August, 2007
Filed under: Nederlands, Zorg, Vermaak, Persoonlijk | Leave a Comment

In de tijd dat ik nog co-assistent gynaecologie en verloskunde was in het Ziekenhuis Leyenburg, beleefde een co-genoot uit mijn groep 44 bittere tijden in het Rijnland Ziekenhuis. Zijn ervaringen van de afdeling zijn een klassieke weergave geworden van de werkelijkheid. Herkenbaar, realistisch en absoluut hilarisch is het volgende relaas.

Overigens zijn deze ervaringen niet die van Anne-Wil of mij ten tijde van de opvang en bevalling van Wynn. Dat ging namelijk uitermate soepel en professioneel allemaal, daarvoor hulde. Het verhaald is er overigens niet minder grappig om…

Op de boerderij

Tja, ik zal maar meteen met de deur in huis vallen: Het zijn zware tijden op de boerderij-afdeling, voor mezelf omgedoopt tot de ‘stallen’. We hebben 6 stallen om precies te zijn, die over het algemeen 24 uur per dag bevolkt zijn met vrouwpersonen die niet op een pondje meer of minder moeten kijken. Een soort reuzenzeugen. Ze puffen, hijgen, knorren, gillen en krijsen dat het een lieve lust is. Ondertussen zwermen mossige verloskundigen met open schoenen (waarom juist hier??) van kamer naar kamer als werksters die in een bijenkorf van larf tot larf gaan.

Ik sta erbij en kijk er vaak naar. Soms moet ik een handschoen aandoen om te kijken of er al wat uit komt.’Ga met je poten uit mijn muts!’ hoor ik uit de verte roepen. Tja, ik doe dit ook niet voor mijn lol. Het is diep en sappig wat ik aan mijn vinger voel. Dan voel ik een lolobal. Moeder is nog niet helemaal ontsloten. Zeg maar zoals Ter Aar ontsloten is op de rest van ons wegennet. Dan maar wat meer van die gel erin. Vaak na 5 uur wachten komt er nog niks. Ja ja het is een dynamisch vak de verlossingskunde. Na eindeloos ophogen van de Synto-pomp (waarom geven ze dat niet meteen als ze a term zijn??) gaan ze persen en hijgen en bolt het perineum op tot een halfronde vorm. Pis, poep, schijt, vruchtwater, fluor van de afgelopen 9 maanden, resten sperma en bloed, vooral veel bloed komen naar buiten gegolfd in een tempo waarbij de Noordzee met windkracht 10 nog rustig is. Gelukkig heb ik mijn kaplaarzen aan denk ik dan maar. het CTG-apparaat draait overuren met een frequentie van 200 per minuut. Het papier raakt ook nog op. Terwijl ik zelf heel hard aan een heftige bedscene met mij en Tom Cruise probeer te denken hoor ik in de verte een werkster roepen ‘doorgaan, doorgaan’.. ja ja ja ja… ik kom! Bij de bushalte vertrekt bus 42 naar het station. Zat ik daar maar in…

De vrucht gaat eruit komen maar net niet helemaal. Zoals een dikke BMW in een iets te nauwe parkeergarage komt het naar buiten, en floept het weer terug. Komt het naar buiten en kruipt het weer terug. De assistent noemt het 3 stappen vooruit, 2 stappen achteruit. Ja ja denk ik dan… De vrouw knijpt in je handen alsof ik zelf ook geen gevoel meer heb in mijn lichaam. Al hyperventilerend komen jij en de assistent toch maar tot de conclusie dat het kind een kapje moet krijgen. De stofzuiger gaat aan, de gynaecoloog trekt het hoofdje met een ankerketting richting uitgang. Zoals je zelf de stop uit het bad trekt. Ik durf vaak niet te kijken. Bang dat opeens een kopje zonder romp tegen de muur gaat aanvliegen… Wanneer het hoofdje de vorm van een komkommer heeft is het vaak goed en pakt de gynaecoloog de Grote Schaar en knipt de vrouw open tot halverwege haar bil. Van afschuw draai mijn hoofd weg. Ik hoor de schaar knippen. Nu is het echt de rode zee van waaruit een harige courgette met daaraan een rompje vol met smegma getrokken wordt. Vaak moet ik het uitzuigen… Bang om zelf zuigelingensputum door te slikken, daarom blaas ik vaak maar… ‘Houd het lekker zelf bij je,’ denk ik dan. Buiten stapt de familie uit bus 40…

Opkijkend tussen de enorme dijen van de vrouw, over de rode heuvel, ziet het hoofd van de moeder eruit als een blauwe zon. Ze huilt en is blij. Ook pappa huilt. Zusje is niet blij. Ze was liever alleen gebleven. Terwijl ik aan een - uit de moeder hangend - snoer trek, wat voelt als een inktvis, rinkelen de GSM’s in koor om je heen en zoemen de HandyCams als wespen rond een glas bessenjenever… Dat zou ik nu best wel lusten. Pappa krijgt een schaar en moet met zijn door tranen betroebelde ogen op het inktvisdraad mikken. Het zakje met de balletjes wordt op een haar na gemist. Pfff… dat moest er nog eens bij komen. Oma vindt het niet meer leuk en gaat op de gang een shekkie draaien. Een verre tante gluurt stiekem achter het gordijntje.
Het kindje heet Djowie Luca. Iedereen roept in koor ‘wat bijzonder, waar komt het vandaan?’ De ouders weten het zelf niet. Ondertussen ruk ik nog wat aan het inktvistouw. Het geeft niet mee, alsof er een enorme vis aan de andere kant zit te trekken. Laten we er maar een naald in steken. Djowie huilt ondertussen dat het een lieve lust is. Opa heeft geen oog voor de kleine en gluurt al vanaf het begin mee over mijn schouders naar wat er tussen de benen van zijn schoondochter gebeurt. Djowie is nu los van moeder en sabbelt er al uitbundig op los. ‘Was ik dat maar…’ fluistert opa in mijn rechteroor. Bus 49 vertrekt naar Noordwijk. Ik zou best willen uitwaaien op het strand…

Het borrelt en het pruttelt. Dan heb ik beet. Het is geen haai, maar een grote paarse kwal. Warm en drillerig met een aparte geur. Ik ontleed de kwal en keer hem binnenstebuiten. Er zitten geen rare dingen aan of in, moeder vertelt triomfantelijk dat je dus van roken geen slechte placenta krijgt. Hij hoeft niet mee van pappa. De tuin is toch al net nieuw aangelegd. Ik geef Djowie een nicotinepleister op zijn navelstrengetje terwijl ik zijn vingertjes tel. Mamma wil hem terug. Intussen wordt ze met veel visdraad voor zover het gaat weer dichtgemaakt van onder. ‘Zo, dat gaat bij de derde vast makkelijker,’ denk ik dan. Vader en opa kijken bedenkelijk en vragen zich af of het nog wel goed komt. Moeder voelt niks. Pappa zal nooit meer iets voelen. De assistent zegt dat hij nog even aan het rommelen is van onder. ‘Hmm, hij heeft de essentie van het vak begrepen.’ denk ik bij mezelf. Bus 48 vertrekt…

Moeder is dicht. Dader of vader zit te SMS-en. De rest van de familie bonkt op de deur alsof hier de dolle dwaze dagen van de Bij gaan beginnen. Ik zit onder het bloed, en ik voel me ranzig. Moeder wil douchen… Ik ga eerst…

Peter Nijboer, 19 september 2002

Wynn is alweer een week geleden geboren in het Rijnland Ziekenhuis Leiderdorp, onze familie heeft niet in bus 40 gezeten…

Cijfers

Posted on: Wednesday, 4th of July, 2007
Filed under: Nederlands, Persoonlijk, Column, Studie | Leave a Comment

In de tijd dat ik nog geneeskunde studeerde, of nee, in de tijd dat ik ingeschreven was bij de faculteit geneeskunde, was het adagium: ‘Een 6 is voldoende’. En daarmee bedoelde ik natuurlijk een 5,5. Het kwam voor dat ik meerdere pogingen nodig had om die 5,5 te bemachtigen, al dan niet met discussies bij nabesprekingen om maar dat laatste tiende puntje te sprokkelen om mij voor een extra herkansing te vrijwaren. Dat was toen, in de jaren ‘90.

Onlangs maakte ik een behoorlijk onevenwichtig tentamen bij het iBMG in Rotterdam. Zorgverzekeringen en Zorgstelsels heet het integratievak, waarin diverse elementen van de verzorgings- en verzekeringsstaat aan bod kwamen. Waarom was het tentamen onevenwichtig?

Ten eerste omdat het nauwelijks een afspiegeling was van de colleges. Geen enkele rechtenvraag kwam er in voor, en dat terwijl toch ongeveer 15% van de colleges hieraan was gewijd. Hier en daar bleek het in de tentamenvragen mogelijk wat juridische zaken aan te slepen, maar dat betekent nog niet dat er sprake is van evenwicht.

Cijfers

Ten tweede werd met name aan het thema ‘maatschappelijk ondernemen’ juist onevenredig veel aandacht geschonken. Natuurlijk dit is belangrijk, maar naast een essay zou men toch kunnen verwachten dat aan andere belangrijke thema’s wat aandacht zou worden besteed. Het essay blijkt een ‘teaser’ te zijn geweest waaruit de gemiddelde student had moeten afleiden dat hij of zij er nog veel meer over zou worden doorgezaagd. Zo had ik het niet begrepen. Dit laatste temeer daar het essay geen enkele waarde vertegenwoordigt in de herkansing. En zelfs nu was de weging (10% van het eindcijfer) eigenlijk de moeite van de exercitie niet waard. Wel voor het cijfer op zich, niet voor de uitwerking die het maximaal op het eindcijfer kan hebben. Daar komt nog bij dat ik een sterke aversie heb tegen het type vraag: ‘In de colleges en in het laatste hoofdstuk van het proefschrift van dr. zus en zo staat iets wat u hier moet reproduceren [5 punten]’, waardoor ik zo’n vraag gewoonweg niet WIL beantwoorden. Het getuigt namelijk van een mening, een indivuele perceptie, en om dat nou als gemeengoed te accepteren in een tentamenvraag gaat me echt veel te ver. Zelfs wanneer het gaat om een proefschrift. Het lijkt op rijtjes leren wat ik op de basisschool vaak moest evenals bij Duits in 3 VWO en bij geneeskunde (noteer de 5 meest voorkomende diagnosen van acute buikpijn). Onevenwichtig, ook hier.

Ten derde was het tentamen onevenwichtig in zichzelf. Wat ik daarmee bedoel? Dat het prettig is te ervaren dat je na 5 van de 15 vragen ongeveer op 1/3 deel van de totaal beschikbare tijd uitkomt en ook op ongeveer 1/3 deel van het schrijfwerk. Schrijven op zich is geen probleem, maar halverwege had ik er eigenlijk weinig zin meer in. Een gevoel bekroop me, zo van: ‘Ik weet het antwoord wel, maar ik heb gewoon geen enkele motivatie om het op te schrijven.’ De lol van het beantwoorden was bij dit tentamen erg ver te zoeken. Intern dus een gebrek aan evenwicht.

Mijn eindcijfer? Natuurlijk een 5,5! Tevreden en blij? Nee natuurlijk niet, want het zorgt voor een dramatische onevenwichtigheid op mijn cijferlijst waar tot vandaag alleen maar 7’s en hoger prijkten. Gecombineerd met het essay levert het een magere 6 op. Het geneeskunde gevoel gaat vandaag niet op. Misschien is het zo dat de laatste loodjes van het collegejaar toch echt het zwaarst wegen, dat het venijn in de staart zit en meer van dat soort opbeurende spreekwoorden om… iemand op te beuren! 1

Nee, ik ben effe uit balans nu… Voor mij geen vuurwerk voor de onafhankelijkheidsdag vandaag.


1 Theo Maassen, ‘Neuk het Systeem’ (1997).

Integratie

Posted on: Wednesday, 27th of June, 2007
Filed under: Nederlands, Vermaak, Persoonlijk, Column, Studie | Leave a Comment

Nadat ik enkele weken geleden wat boeken had gekocht, had ik geld over om boodschappen te doen. In de super was ik vrij snel klaar en sloot achter aan de rij bij de kassa. Het was kwart voor vijf. Voor me stond Rijkman Groenink, je weet wel, van de ABN. Toen het voor hem tijd was de € 33,20 af te rekenen bleek hij helaas zijn portemonnee niet bij zich te hebben. ‘Laten liggen in Engeland, denk ik…’ mompelde hij. Hij vroeg me of ik voor hem kon betalen. ‘In ruil waarvoor?’ was mijn antwoord. ‘Ik geef je een aandeel ABN!’ Hij toverde er een enorme stapel van uit zijn binnenzak. Dat zo’n aandeel meer waard was dan de boodschappen vond hij niet erg. Hij zei: ‘Nu nog wel. Je moet het aandeel trouwens snel wegbrengen, want de bank gaat zo dicht.’ We hadden er geen erg in dat Loretta Schrijver net achter de kassa aan het inwerken was, en de rest is, zogezegd, ‘history’. In de dagen erna meldde RTL Nieuws dat een Engelse bank en een internationaal consortium de bank van Rijkman aan stukken wilden trekken. De bank gaat zo inderdaad dicht.

Integratie

Rijkman en ik praatten nog wat en kwamen op ‘integratie’. Sinds kort was ‘integratie’ echt helemaal zijn ‘ding’. Hij was voornemens een grote villa te kopen met een geïntegreerd boerenbedrijf. De integratieperikelen tussen de diverse banken hadden hem op een idee gebracht. Hij dacht aan iets met veel grond, een groot huis, lokaal vee en tropische dieren. Vooral mensapen leken hem leuk. ‘Die houden echt van integreren, ook met mensen,’ Dat was natuurlijk waar. ‘Alleen jammer dat mensen onderling niet integreren.’ Hoewel ik zijn punt begreep dat er veel mis is met de manier waarop autochtonen en allochtonen zich laten samenvoegen heb ik onlangs gezien dat het ook anders kan. ‘Maar jonge Marokkanen integreren tegenwoordig veel beter,’ zei ik. ‘Ze integreren met voetballers, geheel uit eigen beweging. Geen subsidie, niks. Ze gedragen zich als Hollandse supporters, slopen alles wat los en vast zit.’ Hij kon niet anders dan me gelijk geven. Bij nader inzien had hij ook nog een voorbeeld, hij had gehoord dat één van zijn managers een zakelijk krediet van enkele tonnen had verstrekt aan een chirurg. Deze chirurg, die eigenlijk gewoon cosmetisch arts was, had zich verdiept in de integratiegeneeskunde, een nieuwe tak van sport. ‘Wat gaat ‘ie dan doen?’ vroeg ik verbaasd. ‘Nou,’ zei Rijkman, ‘er komt binnenkort een show op TV waarbij kijkers kunnen SMS-en om een nier toe te wijzen aan een ernstig zieke deelnemer van dat programma. En nu gaat deze slimmer dokter achteraf de winnaar en de verliezers aan elkaar opereren, zodat ze de nier kunnen delen. Conjoining, noemt hij het. Het idee is echt goed. Het is namelijk doorgerekend. En het past binnen de hedendaagse marktwerking. Win-win, ha ha!’ Hij moest lachen. ‘En de Inspectie dan?’ Ik kon mijn oren niet geloven. ‘Oh, die wordt geïntegreerd met de jury’s van ‘Dancing wis de Stars’ en ‘Holland’s Next Topmodel’. Dat vergroot hun herkenbaarheid en draagvlak bij het volk. Samen kunnen ze komen tot een optimaal evenwicht tussen kwaliteit en esthetiek.’ Mij werd duidelijk dat integratie geen doel op zich is, eerder een middel. Maar een van de te integreren entiteiten zal altijd meer gewicht in de schaal leggen. Veel tijd om dit goed uit te werken had ik niet, ik moest me voorbereiden op een college waarin gezondheidsrecht, healthcare governance, gezondheidseconomie en sociaal medische wetenschappen geïntegreerd zouden worden. Gelukkig mag ik daarin zelf de emulgator spelen!

Gepubliceerd in: Vox Summa, FBMG, Erasmus Universiteit Rotterdam, juni 2007

Talent

Posted on: Thursday, 14th of June, 2007
Filed under: Nederlands, Nieuws, Column | 1 Comment

Vanmiddag werd, op het Catshuis te Den Haag in de stromende regen, het 83-pagina tellende stuk ‘Samen werken samen leven - Beleidsprogramma Kabinet Balkenende IV 2007-2011′ gepresenteerd. Na 100 dagen touren en interviewen is dit het eindrapport waarin 74 ‘doelen’ en 10 ‘projecten’ staan opgesomd waar het kabinet extra werk van wil maken. Eén van deze doelen werd door Wouter Bos toegelicht, waarschijnlijk omdat zijn partijgenoot van de PvdA Ronald Plasterk portefeuillehouder is van dit ‘doel’. Schoolverlaters moeten worden tegengehouden. Daar draait het om. Er gaat teveel ‘talent’ verloren. Nederland kan het zich niet veroorloven zoveel ‘talent’ te verspillen.

Let wel, het gaat om schoolverlaters. Of die ‘talent’ hebben valt nog te bezien. Want wat is nu ‘talent’? De Grote Van Dale definieert het zo:

ta·lent (het ~, ~en)
1 natuurlijke begaafdheid, bekwaamheid tot iets => gave
2 iem. met veel begaafdheid

Wat bedoelt Wouter Bos dan precies met de veel gebezigde term? Van ‘talent’ in de zin van ‘uitzonderlijke gave’ kan immers geen sprake zijn, behalve wanneer het schoolverlaten op zich als een ‘talent’ wordt beschouwd, namelijk de ‘natuurlijke begaafdheid tot het niet afmaken van een opleiding’. Mocht die gedachtengang juist zijn, dan moeten deze lieden op grond van hun ‘talent’ dus doen waarin ze het best zijn, namelijk stoppen met school. Of is ‘talent’ hier eigenlijk een metafoor? Bedoelt hij in feite: ‘toekomstige grootverdiener die veel mag afdragen in Box 1, 2 en 3′? Het kan natuurlijk ook een eufemisme zijn, en in dat geval bedoelt Wouter gewoon ‘domoren die niet in staat zijn hun prioriteiten te sturen in de richting van het maatschappelijk belang’. Maar dat is een wel heel omslachtige manier van redeneren, ik geef het toe.

Ik hoop dat Wouter Bos ooit ‘talent’ ontplooit de term wat minder makkelijk over de lippen te laten gaan wanneer het jeugd betreft die geen enkele motivatie heeft een opleiding af te ronden, het belang van een deugdelijke scholing niet inziet, welbewust de eigen kansen op het spel zet en daarmee geen dankbaarheid toont voor de mogelijkheden waarvoor jarenlang is gestreden, een onderwijsrecht wat verworden is tot een sociaal grondrecht. Ik vraag me af wat Wouter Bos bezielt om hier te spreken over ‘talent’. Er is misschien van veel sprake, maar toch zeker niet van ‘talent’.

Seks

Posted on: Monday, 11th of June, 2007
Filed under: Nederlands, Vermaak, Nieuws, Column | Leave a Comment

Vrijgevochten Nederland heeft er een nieuwe ‘ontpreutsing’ bij, maar Calvinistisch Nederland ook een ‘frustratie’. Lydia Koopmans lanceerde, of moet ik zeggen ‘flufte’, vandaag namelijk een website getiteld www.hoehetmoet.nl. Op deze website, die een keurmerk heeft ontvangen van de Rutgers Nisso Stichting, kan de bezoeker tegen betaling de technische aspecten van seksuele handelingen leren kennen. Voor alle duidelijkheid, je raakt er niet opgewonden van, het gaat om de techniek. Als zodanig is het een soort e-learning module, waarvan huisarts en seksuoloog Peter Leusink vindt dat het verplichte stof op school zou moeten zijn. Men heeft namelijk geconstateerd dat er onder de jeugd nogal wat misconcepties heersen voor wat betreft de techniek achter seks. Wat moet je wel en niet, hoe moet je gaan zitten, begin je gelijk met penetreren, of moet je eerst je sokken uitdoen, dat soort existentialistische zaken. De site bedoelt een ‘tegengeluid’ te zijn voor alle websites waarop nakende mensen met hun geslachtsdelen zichzelf of anderen trachten te plezieren. Lydia achtte het onwenselijk dat de jeugd van tegenwoordig in de veelheid van internet media verstoken zou blijven van deugdelijke informatie. Daarbij zij gezegd dat het zelf ontdekken, ervaren, proberen en spelen dus een ondergeschikte rol zou moeten spelen in de set activiteiten die we samenvatten onder de noemer ’seks’. Oftewel, het is een manier om de zogenaamde ‘vieze websites’ acceptabel te maken, omdat voornoemde sites onrealistische beelden schetsen van exorbitant grote pikken, vrolijk spugende vagijnen, dikbesnorde mannen die alleen maar diep en bassig zuchtend met de hand in de zij boos kijken, en dames met alleen rode stiletto’s aan, die oh zo genietend toch een soort van pijn menen te ervaren bij de introductie van allerlei vlezig én niet-biologisch afbreekbaar materiaal in de vele openingen die het vrouwelijk lichaam rijk is. Wie nu zit te lachen weet precies wat ik bedoel. Laten we eerlijk zijn, er is een reden dat de Playboy wat minder oplage heeft dan vroeger, dat 75% van de Nederlandse huishoudens de voorkeur geeft aan ADSL boven anaaloog, en mannen des huizes de PC beheren. Ja, ja, spamguards, firewalls, webwashers, historycleaners, antivirale middelen van Norton en McAfee, ze zijn er niet voor niets. En 20″ LCD schermen zijn niet voor .pdf-jes. Wist u dat meer dan 50% van álle websites een pornosite is? Natuurlijk weet u dat.

Even wat achtergrond informatie om de gemoederen bij u in de onderkleding weer wat te laten bedaren. Na jarenlange overheidsbemoeienis gedurende de jaren ‘80 en begin ‘90 was de tijd gekomen van eigen verantwoordelijkheid, van zelfregulering, van een terugtredende Rijksmachinebureaucratie. Balkenende IV echter heeft, tot genoegen van een fors contingent sociaal-christendemocratische denkers, de betutteling weer wat teruggebracht. We zijn een dag of 100 gaan luisteren naar de medemens, zeggen wat vaker generaal pardon, moeten collectief wat meer betalen als we de boel vervuilen (Eco-tax, Range Rovertax, Hummertax, X5tax en vliegtax) en worden gewezen op onze leefstijl waarin sport, of althans beweging, een te kleine rol speelt. De verantwoordelijkheid ligt weer bij de overheid, die immers het beste met ons allen voor heeft. Ik zeg: pornosites zijn een ideale manier om meer beweging te stimuleren. Net zoals je in een vliegtuig rondjes moet draaien met je armen, benen, hoofd en schouders teneinde stolsels zich te laten vormen in je venen, kun je vanachter je bureau natuurlijk prima aan ’sport’ doen. Voordeel: deze ’sport’school is altijd open, en de prijs van een drankje is er aangenaam laag. De overheid zou dit moeten stimuleren. Het duurt niet lang of ook verzekeraars zullen een gedragsfactor aan hun vragenlijst gaan toevoegen, een gezondheidsdeterminant, waarbij het hebben van een baan met veel bureauwerk je plaatst in een lagere morbiditeits- en mortaliteitsklasse. Ideaal. De winst van de premiekorting wordt teruggegeven aan de burger, die op zijn of haar beurt extra download-speed bij de internetprovider kan bestellen, back-up harde schijven kan plaatsen, en natuurlijk blinderende gordijnen. Het is allemaal zo simpel. Nee, echt!

Dat wat betreft internet-porno in het algemeen, maar er is meer. Een website als www.hoehetmoet.nl is onder andere een manier om ‘bed(in)side manners’ aan te leren. Voor een paar slordige Eurootjes kan uw kind u met goed advies terzijde staan wanneer u tijdens de daad in de slaapkamer of keuken wordt betrapt. Hij heeft immers net online gezien hoe het écht moet, terwijl u alleen maar dun-gespeelde videobanden ter beschikking had. En zo zullen meisjes alleen nog maar lege artis worden misbruikt, na duidelijke online instructie. Zo kan ze er goed vertrouwd mee raken. Als het dan toch gebeurt, heeft een jong grietje natuurlijk wel recht op een technisch degelijke verkrachting, vindt u ook niet? En de lieve schoolmeester betaalt de sms-jes uit zijn eigen belbundel! Geen registratie met creditcard meer nodig. Dat geeft trouwens toch niet, want Leusink had al verklaard dat je van deze website niet opgewonden raakt.

Elephants bumpin' uglies

Maar de website is natuurlijk funest voor jeugdige creativiteit daar waar het legitieme geslachtsgemeeschap betreft. Los van de bovengemiddelde afmetingen van piemels en schier-onmogelijke koppelingsmogelijkheden (Gardena zou verheugd zijn als alle tuinbewerkingstoepassingen eveneens zo aan elkaar zouden passen; DIN en NEN, eat your heart out), is het dodelijk voor de fantasie. Behoudens de naam, waarin ‘moet’ niet zo heel snugger is gekozen, zal alles wat níet expliciet in een € 1,10 kostend filmpje wordt getoond, alsnog als fout, verkeerd, kwalijk, schadelijk of een openlijke afwijking van de regels kunnen worden gekwalificeerd. De fimpjes worden een leidraad, een richtsnoer, een protocol, waarvan alleen onder stricte voorwaarden mag worden afgeweken. Een meisje zal zich eerst moeten afvragen of de autonomie van de jongen dusdanig is, dat afwijking van de protocollen is gerechtvaardigd. En als je hiervan bent afgeweken, en er volgt schade, bijvoorbeeld pijn, bloedingen, faecale incontinentie, ben je dan ook aansprakelijk? Wie wordt de voorzitter van het bestuursorgaan dat met toezicht zal worden belast? De voormalige programmaminister van Jeugd en Gezin? Wie weet. Een heel niew rechtsgebied ligt klaar om ontgonnen te worden. Zomaar wat overwegingen.

Hilton

Posted on: Saturday, 9th of June, 2007
Filed under: Nederlands, Vermaak, Nieuws | Leave a Comment

Stars are blind

Paris Hilton, multimiljonaire en begenadigd erfgename van het Hilton-imperium, je weet wel, van de hotels, moet terug naar de gevangenis. Nadat ze enkele maanden geleden in Los Angeles was gearresteerd voor het in het donker rondrijden zonder koplampen in een blauwe Bentley, zonder rijbewijs, werd ze veroordeeld tot 45 dagen cel. Het was haar tweede ernstige verkeersovertreding nadat ze daarvoor al met een slok op de weg op was gegaan. Met goed gedrag was vervroegde vrijlating mogelijk in 23 dagen. Feit is dat ze drie dagen achter de tralies zou hebben gehuild met een medisch onverantwoorde toestand als gevolg (of oorzaak!), waarop de sheriff besloot haar gevangenisstraf om te zetten in huisarrest. Doel bereikt voor Paris zou je denken. Ik vraag me af in hoeverre de trias politica überhaupt nog bestaansrecht heeft als de rechterlijke macht wordt omzeild, maar dat terzijde. Mijn punt is echter anders.

Meerdere burgerrechtenactivisten hebben verontwaardigd gereageerd op het besluit Paris uit te laten zieken buiten de bajes, namelijk thuis. Ene zwarte dominee vroeg zich af of een de dochter van een blanke mijnwerker ook huisarrest zou krijgen, of een zwarte rijke rapper eveneens zo coulant zou worden behandeld. Bijzonder is dat er vanuit wordt gegaan, wordt aangenomen, dat Paris NIET lijdt aan een of andere medische aandoening die therapie behoeft anders dan nog 20 dagen cel. Toegegeven, wellicht heeft ze de truc afgekekeken van Willem H., onlangs nog voor de rechter verschenen, beschuldigd van afpersing, maar de kans bestaat dat ze écht iets heeft waarvoor medische behandeling is geïndiceerd. Het is te kort door de bocht om maar te stellen dat er sprake is van voorkeursbehandeling.

Waar het natuurlijk om draait is de vraag over de rechtvaardigheid om te besluiten Paris niet meer in gevangenschap te houden. De rechtvaardigheid zou in die zin in het geding zijn, dat gelijken niet gelijk worden behandeld in het Amerikaanse rechtssysteem. Een rijke blonde vrouw met veel publiciteit wordt vrijgelaten, waar een ‘trailer trash’ hutje van dezelfde leeftijd waarschijnlijk een dergelijke behandeling zou kunnen vergeten. Als dat inderdaad zo is, is dat inderdaad onrechtvaardig. Gegeven natuurlijk dat Paris geen therapiebehoeftige lichamelijke of geestelijke stoornissen onder de leden heeft. Maar hoe rechtvaardig is het precies om de zaak dusdanig snel aanhangig te maken, en bovendien met zoveel publiciteit om zonder pardon Paris weer vast te zetten? Zou iedereen exact op deze wijze behandeld worden? Zou bij een ander ceteris paribus de beslissing van de sheriff de gevangenisstraf om te zetten in huisarrest worden herroepen? Zou de media zich even hard op een inhoudelijk vergelijkbare zaak storten wanneer het geen dame betrof met een extralarge zonnebril? Dat denk ik niet. Ook die rechtvaardigheid moet worden gerespecteerd. En dus heeft niet alleen het Californische rechtssysteem boter op zijn hoofd, maar ook de betreffende klagende dominee en niet te vergeten de media.

Nier

Posted on: Saturday, 2nd of June, 2007
Filed under: Nederlands, Zorg, Vermaak, Nieuws | Leave a Comment

Het leek te lelijk én te mooi om waar te zijn. En dat was het ook. ‘De Grote Donorshow’ van BNN was een ‘hoax’, een stunt, een spel om een heikel punt zonder verdere vertraging op de politieke agenda te krijgen. Het aantal mensen dat voor overlijden vrijwillig toestemt in het laten uitnemen van organen na de dood, in tegenstelling tot toestemming door nabestaanden, is schrikbarend laag. De wijziging van de Wet op de orgaandonatie heeft halverweg de jaren negentig desastreuze gevolgen gehad voor de transplantatiegeneeskunde. In tegenstelling tot méér donoren, leidde de wetswijziging juist tot minder donoren, en dus tot een afname van donororganen. Zo had de wetgever het natuurlijk niet bedoeld.

Om nu achteraf niet het verwijt te krijgen dat ‘de politiek’ alleen maar handelt omwille van een sociaal wenselijke uitkomst, namelijk meer nieren, levers, meters dunne darm, andere organen en weefsels voor onze zieke naasten, is het systeem niet omgezet in een geen-bezwaar systeem. En daar zijn patiënten, patiëntenverenigingen, maar ook vele burgers het niet mee eens. Reden dus om aan de bel te trekken, zo moet BNN gedacht hebben. BNN heeft zijn oprichter verloren aan een nierziekte, dat moet een belangrijke rol hebben gespeeld, zo niet de enige.

I give you my heart, uhh... kidney!

De Donorshow, uitgezonden door BNN op vrijdagavond 1 juni jl. bracht een aangrijpend verhaal van een 37-jarige vrouw in de bloei van haar leven die plotseling ongeneeslijk ziek werd. Haar bloemenzaak moest ze verkopen, ze lijdt aan een hooggradig glioom, en heeft nog maar zes maanden te leven. Om een daad te stellen stelt ze een nier beschikbaar die nu kan worden uitgenomen om iemand anders een langer, maar vooral comfortabel en gezond leven te laten lijden. Met die sms-nier, want het publiek, TV kijkend Nederland bepaalt wie de nier krijgt. Maar de zeepbel klapt uiteen als Patrick Lodiers aan het einde van de show zegt dat een nier weggeven zelfs voor BNN te ver gaat. Tientallen televisie- en mediaploegen uit de hele wereld zijn verbolgen, bij de neus genomen, misleid door het nieuws dat de mondiale pers heeft gehaald. Van BBC tot Al-Jazeera, van CNN tot MedIndia. Het is natuurlijk prachtig om te zien dat het inderdaad nep is. Al had iedereen met een beetje verstand zich dit ook kunnen realiseren. Mijn voorspelling vooraf (niet opgeschreven, wel mondeling toegelicht natuurlijk) dat het allemaal acteurs zouden zijn is niet uitgekomen, de patiënten waren namelijk echt. En dat maakt het eigenlijk nog sterker.

Maar hoe nu om te gaan met de politieke en publieke commotie rond deze Donorshow? Men wilde over het algemeen té graag geloven dat BNN alle grenzen overschreed, dat de politiek dit niet kon laten gebeuren, dat Nederland haar aanzien in de wereld zou verliezen. En voornamelijk dat laatste baart mij zorgen. Premier Balkenende heeft zich in het bijzonder bekommerd om het signaal dat ons land zou uitzenden, om de afkeur van het buitenland en om de absurditeit van het fenomeen. Enkele citaten om dit wat kracht bij te zetten:

Balkenende: Donorshow schaadt imago Nederland - Elsevier, vrijdag 1 juni 17:04

Donorshow onethisch, wél discussie - Het Parool woensdag 30 mei 11:52

Donorshow roept veel weerstand op - Sp!ts woensdag 30 mei 14:20

Donorshow BNN is een cry for help - TweedeKamer.blogs.nl vrijdag 1 juni 00:22

Organ donor reality show to go on - Stuff.co.nz woensdag 30 mei 12:00

Helaas acht Balkenende belangrijker wat het buitenland van ons vindt, dan het oplossen van de problemen die we in Nederland hebben. Dat is zorgelijk. Het kan natuurlijk te maken hebben met het feit dat we hier mensen hebben rondlopen die anderen welbewust in onbewuste toestand voorzien van wat HIV-besmet bloed, en dat daarover weleens vragen uit de EU zouden kunnen komen. Ook het afwijzen van een Europese Grondwet twee jaar geleden zet nog steeds kwaad bloed in Europa. We mogen al bijna niet meer meedenken. Maar misschien komt alles wel goed als het buitenland maar denkt dat het hier goed gaat. Keeping up appearances!

Wat nog het meest bizar en ronduit stuitend is bij (de aanloop naar) de Donorshow, is het gebrek aan denken dat enkele medici hebben tentoongespreid. Het gaat hier om wetenschappers, niet het gemiddelde volk dat hele beltegoeden weg sms’t naar hun favoriete C-categorie BN-er opdat die volgende week mag dansen, schaatsen, zingen of nieren kweken. Zij zijn gehinderd door kennis van zaken, behoren zich overeenkomstig te gedragen, en van hen had ik toch verwacht dat zij hadden begrepen dat een potentiële ontvanger van een donornier in ieder geval wat bloedgroep, weefseltypering en antilichamen zou moeten matchen. Dat het dus wel héél onwaarschijnlijk is dat een cadeau-nier überhaupt getransplanteerd kan worden. Van hen had ik ook verwacht dat zij zichzelf wel vragen zouden stellen over de kwaliteit van de nier bij iemand die een intracerebrale maligniteit heeft in een zo ver gevorderd stadium dat dát de hele donatie wel eens in gevaar zou kunnen brengen. Van hen had ik ook verwacht dat zij zouden doorzien dat het hebben van een TV-show waarin je een nier kunt laten weg sms’en nog niet betekent dat daarmee geen wetten worden overtreden wanneer het tot transplantatie zou komen. Er zijn simpelweg te veel inhoudelijke problemen die een bom leggen onder de a priori geloofwaardigheid van het programma. Blijkbaar gelooft een deel van medisch Nederland dat het beter is zich te richten op de afschuwelijke notie dat medische noodzakelijkheid voor een ingreep geen randvoorwaarde meer is, dan op de eigen praktijk. Want helaas is me de afgelopen week weer duidelijk geworden op welke manier enkelen van ons met het belangrijke goed gezondheidszorg omgaan. Er gebeuren ernstigere incidenten, incidenten waarbij de televisie-nier zou verbleken. Maar daarover worden geen televisieprogramma’s gemaakt.

Een klein fragment van de show:

Get the Flash Player to see the wordTube Media Player.

Maar wat vond ik van het kijkevenement? Ik vond het geniaal. Met een voorspelbare uitkomst, desalniettemin geniaal. BNN hulde, ik blijf lid. En geregistreerd in het Donorregister! Dit overigens in tegenstelling tot Leonie Gebbink, de actrice die ‘Lisa’ speelde, en presentator Patrick Lodiers, die iedereen opriep om een formulier in te vullen. Tja, wat vind ik daar eigenlijk van…

keep looking »